De Teksten
   

Skivakantie - Marijke

"Wie heeft er een erts voor een schaap?", Marlies kijkt vragend naar de andere drie, niemand reageert. "Kom op wie heeft er erts?" Nu reageert Sebastiaan tegenover haar, "Ik heb erts, maar ik heb geen schaap nodig, maar graan." "Ik heb geen graan, maar wel een mooi schaap." " Hou je schapen maar daar kan ik niets mee." " Nou dan niet, dan bouw ik nog wel een straatje." Aan de eettafel wordt fanatiek kolonisten van Catan gespeeld. In een andere hoek zit de rest van de ski-groep samengeperst op twee kleine bankjes. De banken zijn oud en versleten en zitten niet erg lekker, het alternatief is een rechte houten stoel van de eettafel, maar daar wil niemand de hele avond op zitten. De ruimte is met hout afgetimmerd zoals het een ski-chalet betaamt en zou gezellig aandoen wanneer er niet een 100 Watt lamp aan het plafond bevestigd was. De groep in de zitkamer vertelt elkaar de sterke ski-verhalen van de dag die nu weer achter hen ligt. Guido en Tjebbe zijn dit jaar voor het eerst gaan snowboarden. Ondanks de blauwe plekken en stijve spieren scheppen ze enthousiast op over hun vorderingen. Roderick roept spottend "Jaja volgens mij liggen jullie meer in de sneeuw dan dat jullie op je snowboard staan." Iedereen moet hard lachen. De snowboarders kijken eerst een beetje verongelukt, maar lachen daarna even hard mee. "Wacht maar, over een paar dagen dan boarden we iedereen voorbij." Iemand anders laat de ipod 'Driving home for christmas' van Chris Rea spelen en hoewel kerst al zo'n twee maanden achter hen ligt klinkt er luid gejuich met als gevolg dat de openingstune nog drie keer wordt herhaald..
Plotseling wordt er op de deur geklopt, het is Debbie, de reisleidster. Het is woensdag en ze komt de borg ophalen die ze nu al twee keer vergeten is om mee te nemen. De hele groep valt stil, zelfs het groepje aan de eettafel. Iedereen is benieuwd of ze deze keer de borg wel meeneemt. Van tevoren is er al druk gespeculeerd of het weer gaat lukken om haar zo van haar apropos te brengen dat ze de envelop opnieuw laat liggen. De deur gaat open, daar staat ze enigszins zenuwachtig en gegeneerd, blond, goed figuur, dure kleren. Ze giechelt, "Ja dat was niet zo handig van me om de vorige keer die envelop te vergeten." "Zeker omdat je ook een kwitantie achtergelaten hebt." Ze loopt rood aan, een kleur die haar niet staat. "Ja inderdaad, waar is de envelop?", vraagt ze nogmaals nu wat ongeduldiger, ze voelt zich duidelijk niet op haar gemak met al die nieuwsgierige ogen op haar gericht. "Een ogenblikje ik zal hem even halen." Roderick staat op en loopt naar boven. Ondertussen blijft de groep haar aanstaren. Sebastiaan heeft nog wat op zijn lever, het huisje bevalt niet, de bedden zijn te hard, de banken kun je geen banken noemen en het warme water is wel heel snel op. Debbie probeert zichzelf en haar organisatie te verdedigen, maar het lukt niet om te overtuigen, de groep blijft morren. Haar ogen glijden steeds in de richting van de trap. Het is duidelijk dat ze het liefst zo snel mogelijk weer weg wil. Eindelijk komt Roderick weer terug met een envelop in zijn hand. "Wil je het nog een keer natellen?" "Nee, nee, geef maar, dat hebben we de vorige keer al gedaan, ik vertrouw jullie." De lange jongen trekt zijn wenkbrauwen op met een blik van dan moet je het zelf maar weten. De groep ziet Debbie aarzelen, zou ze bang zijn dat zij geld uit de envelop gehaald hebben? Ze zucht een keer diep, "Nou laten we het geld dan toch nog maar een keer natellen." Terwijl ze het geld aanpakt lijkt het alsof de groep zijn adem inhoudt. Debbie legt de bankbiljetten n voor n in de handpalm van Roderick terwijl ze hardop telt. "Honderd, tweehonderd, driehonderd..." Wanneer ze klaar is en het bedrag blijkt te kloppen is ze zichtbaar opgelucht. Sebastiaan die eerst nog zo klaagde, vraagt haar nu heel vriendelijk of ze naast haar drukke baan ook nog tijd heeft om te skin? Debbie ontspant, en begint alle voordelen van haar baan op te sommen, namelijk dat ze een groot deel van de dag kan skin en aprs-skin. Ze gaat zo erg in haar verhaal op dat ze niet ziet dat Roderick het geld weer in de envelop heeft gedaan en dat de envelop weer op de salontafel ligt. Haar mobiel gaat, even kijkt ze besluitloos van haar mobiel naar de groep, maar neemt hem dan toch op. Het is blijkbaar een andere klagende groep, want er verschijnt onmiddellijk een frons in haar voorhoofd en een onrustige blik in haar ogen. Ze vraagt om een ogenblikje, houdt haar hand op de hoorn. "Nou eh, ik moet er vandoor, tot ziens.", en weg is ze.
Binnen is de groep in luid gejuich uitgebarsten, het is weer gelukt. De borg is nog steeds niet meegenomen. Wanneer zou Debbie weer terug komen?